Conclusie

Nu ik aan heb getoond hoe de drie afzonderlijke documentaires Che mediëren, wat valt er uit de documentaires af te leiden over de mediatie van Che in het algemeen?

Zoals al in het gedeelte over documentaires pretenderen documentaires vaak de ‘waarheid’ te verbeelden. Dat wordt nog eens extra duidelijk in de titel van een van de documentaires: The true story of Che Guevara. Ook al is het onmogelijk om het ware verhaal van Che Guevara te vertellen, de documentaires doen moeite om authentiek over te komen. De mediatie vindt verder vooral op het niveau van de tekst plaats. Alle drie de documentaires gebruiken originele films en foto’s, hoewel ook hier zichtbaar wordt dat een blijkbaar ‘origineel’ beeld niet per se ongemanipuleerd hoeft te zijn. Een voorbeeld: In El Che en in Che Guevara komen fragmenten uit een interview met Mario Terán terug, de soldaat die Che neer heeft geschoten. In Che Guevara zijn deze fragmenten in kleur, in El Che zijn ze zwart-wit. Hoe komt dat? Welke beelden zijn de ‘echte’ beelden? Dat blijft onduidelijk.

Bij veel van de beelden in de documentaires is bovendien niet duidelijk of ze ‘originele’ opnames zijn en of ze überhaupt in verband staan met wat er wordt verteld. Het is onwaarschijnlijk dat de alle de beelden van de guerrillero’s die Cuba na de schipbreuk binnendringen in de documentaire El Che en de beelden van vechtende guerrillero’s over het algemeen echt ‘origineel’ zijn. Wel pretenderen ze de wereld van Che Guevara te tonen, net als de gereconstrueerde scènes uit The true story of Che Guevara. Het zijn in documentaires dus naast de originele beelden ook veel re-enactments en beelden waarvan de afkomst onzeker is die de herinnering aan Che vormen.
Bij de originele beelden moet nog worden opgemerkt dat de documentaires vaak dezelfde beelden gebruiken, en dan niet alleen filmfragmenten maar ook foto’s. Daardoor creëren ofwel bevestigen de makers van documentaires een canon van de verbeelding van Che.

Een andere punt dat opvalt zijn de ooggetuigen. Ik ben tijdens mijn analyses sterk op hen ingegaan omdat ze in het kader van het ‘herinneren’ een hele grote rol spelen. Ooggetuigen hebben de gebeurtenissen zelf meegemaakt en ze zijn door hun herinneringen eraan verbindingen tussen het heden en het verleden. Via hen lijkt men het dichtstbij de ‘originele’ gebeurtenissen te kunnen komen. In dit opzicht zou men ooggetuigen ook zelf als medium kunnen beschouwen.
Dit is waarschijnlijk ook de reden dat er in documentaires over Che zo graag gebruikt wordt gemaakt van ooggetuigen. Terwijl experts associaties opwekken van ‘wetenschappelijkheid’ roepen ooggetuigen vooral associaties op van ‘authenticiteit’ en directe toegang tot de realiteit. Nog zijn er bovendien veel ooggetuigen in leven, anders dan in documentaires over gebeurtenissen die voor de 20e eeuw plaats vonden.

Opvallend is dat vaak dezelfde getuigen in meerdere documentaires terugkomen. In een aantal gevallen zal het onvermijdelijk geweest zijn omdat geen andere getuigen beschikbaar waren. Het heeft echter wel uitwerkingen op de manier waarop Che herinnerd wordt. Als voorbeeld zal ik Dariel ‘Benigno’ Ramirez aan willen halen, een van de guerrillero’s die naast Che hebben gevochten. Hij komt in alle drie de documentaires als ooggetuige terug en mag zijn verhaal over Che vertellen. Door de constante herhaling van zijn visie zou deze opgenomen kunnen worden in de canon van herinneringen over Che. ‘Benigno’ zelf lijkt deel uit te maken van een andere canon, namelijk van een canon van getuigen die de makers van documentaires over Che Guevara kunnen bevragen. De mediatie van Che wordt dus niet alleen beïnvloed door de tekst van de documentaires maar ook van de context van de productie.

De context van de productie speelt ook nog op andere vlakken een rol. De laatste documentaire heeft duidelijk gemaakt dat de meeste documentaires zich weliswaar richten op Ches leven maar dat Che enerzijds bekend genoeg is om ook documentaires over zijn dood te maken, en dat zijn dood en het noodlot van zijn lijk anderzijds spectaculair en mysterieus genoeg zijn om stof te leveren voor spannende verhalen. Che Guevara: The body and the legend is dan ook niet de enige documentaire die zich bezighoudt met wat er na Ches dood met zijn lichaam gebeurde. Een ander voorbeeld is De handen van Che Guevara, een Nederlandse documentaire die zich richt op de vraag wat er met Ches handen is gebeurd. De herinnering die door documentaires gemedieerd wordt, beperkt zich dus niet tot het leven van Che Guevara en op Che als icoon maar betrekt er ook minder bekende kanten van de gebeurtenissen rondom Che.

Tot slot valt te zeggen dat er qua waardering van Che geen gezamenlijke lijn te herkennen is. De documentaires houden weliswaar ongeveer dezelfde verhaallijn aan, maar ze kiezen voor verschillende zwaartepunten. De documentaires die ik heb geanalyseerd zijn allemaal niet al te sterk ideologisch gekleurd maar dat is niet mediumspecifiek. Het is ook voorstelbaar dat er heel positieve of negatieve documentaires over Che bestaan. Wel specifiek is de steeds terugkerende pretentie de waarheid weer te geven, zowel qua verhaal als qua verbeelding. Herinneringen aan Che die documentaires worden gemedieerd lijken sneller ‘waar’ dan herinneringen die door andere media, zoals film en graphic novel, worden gecreëerd.

Ga verder naar: CONCLUSIE

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s