Vergelijking van de twee graphic novels

In het volgende onderdeel zal ik de graphic novels Che : A Graphic Biography (2008) van Rodriguez en A Graphic Biography : Che (2009) van Jacobson&Colón met elkaar vergelijken op het niveau van de inhoud, de vorm en narratieve technieken die worden toegepast waardoor de lezer gestuurd wordt bij zijn opvatting over de idealen en het leven van de persoon Che Guevara. Op de inhoud zal ik niet uitgebreid ingaan omdat ik dit in het kader van de cursus ‘Mediated Memories’ minder interessant vind dan de vorm en de werking van het medium zelf.

Inhoud
Het levensverhaal van Che dat Rodriguez omschrijft, is beknopt en lichtelijk geromantiseerd, met minder geweld en bloedvergieten vergeleken met de versie van Jacobson&Colón. Ook heeft Rodriguez er een dosis humor, ofwel comic relief aan toegevoegd, wat zorgt voor een prettige afwisseling met het complexe en gewichtige levensverhaal.

Figuur 1 : Comic relief in Rodriguez (2008: 11)

Rodriguez is kritisch op de rol van de Verenigde Staten in deze periode. Belangrijke, overkoepelende politieke en historische context is echter sterk gesimplificeerd of helemaal weggelaten. Er wordt bijvoorbeeld weinig tot geen aandacht besteed aan de rol van het Marxisme en de politieke en economische omstandigheden waarin verschillende Latijns-Amerikaanse landen verkeerden. Dit kan gezien worden als een kwalijke keuze van de maker, maar maakt het verhaal tegelijkertijd begrijpelijker voor een leek, en goed leesbaar. Bovendien maakt deze versimpelde versie het voor de lezer gemakkelijker zich te verplaatsen in de leefwereld en idealen van de Che. Rodriguez’ aandacht voor details en anekdotes ondersteunen dit. Klik hier voor een recensie van dit beeldverhaal op mediamouse.org.

Jacobson en Colón besteden veel aandacht aan de historische- en politieke context van alle Latijns-Amerikaanse landen en zo streven ze naar een zo compleet mogelijke beschrijving. Er worden hierbij vele data, landen en politiek leiders aangehaald. Dit is een sympathieke poging om de lezer inzicht te verschaffen in het grotere geheel, maar er komt zoveel informatie bij kijken dat het overzicht zoekraakt. De leesbaarheid gaat erop achteruit. Desalniettemin leert de lezer de beweegredenen en idealen van Che beter begrijpen. Jacobson en Colón geven vergeleken met Rodriguez een completere, ofwel ‘waarheidsgetrouwere’ omschrijving van Che’s leven en de omstandigheden van zijn tijd; zowel qua beeld als qua tekst. Ook wordt er kritischer omgegaan met het gedachtegoed van Che. Klik hier voor een recensie van de graphic novel van Jacobson&Colon.

Vorm
In de versie van Rodriguez worden qua vorm de conventies aangehouden van het klassieke stripverhaal, waarbij de manier van lezen zich altijd beweegt van linksboven naar rechtsonder. De tekst en de afbeeldingen passen meestal braaf binnen de kaders; er wordt nauwelijks buiten getreden. Bijna iedere pagina is ingedeeld in zes kaders. De auteur legt zich gemakkelijk neer bij de beperkingen die het medium hem oplegt; ‘few artists realize the necessity of expressing themselves graphically by the creation of a dynamic movement in the composition of a page or a strip’ (Couperie 1968: 183). Zo ook Rodriguez, hoewel hij af en toe een uitspatting heeft (zie figuur 2). De zwart-witte tekeningen maken het geheel er niet levendiger op, maar geven de lezer tegelijkertijd een grotere mate van vrijheid bij het interpreteren van het levensverhaal van Che. Ook neemt Rodriguez het niet zo nauw met de uiterlijke gelijkenis tussen beeldverhaalpersonage en de werkelijke persoon.

Figuur 2. (Rodriguez 2008: 51)

Sid Jacobson en Ernie Colón houden zich in A Graphic Biography: Che (2009) veel minder aan de conventies en beperkingen die het beeldverhaal hen oplegt. Er is uitgebreid geëxperimenteerd met lay out en format; er wordt gebruik gemaakt van landkaarten, grafische weergaven van gevechtsstrategieën en af te leggen routes, overlappende beelden en kaders die in elkaar overlopen. Ook het spel tussen tekst van de verteller en tekst van de personages, en de verschillende manieren waarop tekst en beeld samenwerken, maken deze graphic novel interessant. Dit beeldverhaal wringt meer tijdens het lezen, wat zorgt voor een hogere mate van hypermedialiteit (dit begrip komt uitvoeriger terug in het onderdeel Hermediaties en ‘immediacy’ versus ‘hypermediacy’). Een voorbeeld hiervan is het ontstaan van onduidelijkheid over de leesrichting die de schrijver voor ogen heeft. Rene Pellos was een van de eerste cartoonisten die op een daadwerkelijk vernieuwende manier met de kaders van een beeldverhaal omsprong. Hij maakte beeldverhalen waarin:

‘[t]he various cartoons interpenetrate along incredible countours and combine following broken lines, zigzags, and half-circles, thus strengthening the dramatic tension of the page, which finally explodes in a visual and psychological shock of great intensity’. (Couperie, 1968: 183)

Deze schok zal in de hedendaagse tijd niet meer zo groot zijn, vergeleken bij de tijd waaruit dit citaat afkomstig is. Toch zorgt het kleurgebruik in deze graphic biography, samen met het hoge spektakelgehalte (zoals ontspoorde treinen, veldslagen en executies), voor een levendig verhaal. Figuur 3 is een voorbeeld van het spektakel in Jacobson&Colon (2009: 18).

Figuur 3: spektakel in Jacobson&Colon (2009: 18)

In die zin is de biografie van Jacobson en Colón het meeste ‘Hollywood’ van de twee. Tegelijkertijd komen de politieke personages in Jacobson&Colón qua uiterlijk goed overeen met hoe wij ze kennen via journalistieke media als nieuws via televisie en fotografie, wat de mate van herkenbaarheid en waarheidsgetrouwheid weer vergroot. Meer hierover valt te lezen in Hermediaties en ‘immediacy’ versus ‘hypermediacy’.

Narratieve technieken
Rodriguez hanteert de narratieve techniek van de raamvertelling; het verhaal van Che is ingebed in het heden van Rodriguez (Van Boven 2003). Twee mannen lopen over straat en zien overal Che-iconen opdoemen. De een zegt: ‘I keep seeing this guy’s face everywhere!’, waarop de ander zegt: ‘You mean Ernesto “Che” Guevara?’ (Rodriguez 2008: 1). Hierna wordt de lezer meegevoerd naar 14 juni 1928, de geboortedag van Che. Er wordt gesuggereerd dat een van de twee mannen dient als vertelinstantie, die aankaart dat het tot de essentie teruggebrachte icoon meer is dan een beeld van ‘this guy’s face’; het draagt een complex verhaal in zich, waarvan de lezer vervolgens een versimpelde versie in honderd pagina’s voorgeschoteld krijgt. We eindigen ook weer bij de twee mannen in het heden, die inmiddels in een koffiehuis zijn beland.

Op deze manier wordt een besef van continuïteit gecreëerd, en benadrukt Rodriguez dat de strijd en het leven van Che Guevara nog steeds belangrijk en voelbaar zijn in het heden. Dit is een regelrechte verwijzing naar het culturele geheugen:

‘[m]emory work […] involves a complex set of recursive activities that shape our inner worlds, reconciling past and present, allowing us to make sense of the world around us, and constructing an idea of continuity between self and others’. (Van Dijck 2007: 5)

Zodoende komt de wisselwerking tussen heden en verleden naar voren, samen met het feit dat een medium als de icoon culturele- en historische herinneringen vervormt of zelfs vervangt (Van Dijck 2007). Tegelijkertijd zijn er een aantal metafictionele momenten, waarbij de aandacht wordt gevestigd op het tekstuele, fictieve karakter van het beeldverhaal. Een voorbeeld hiervan is figuur 4 waarbij de aanwezigheid van de schrijver binnen het verhaal wordt benadrukt (Van Boven 2003). De lezer wordt zich er nog eens extra van bewust met welk medium hij te maken heeft. Dit benadrukt de mate van hypermedialiteit.

Figuur 4. Aanwezigheid van de schrijver (Rodriguez 2008: 73)

Beide beeldverhalen maken gebruik van flashbacks om de beschreven situatie begrijpelijker te maken. Ook is duidelijk dat zowel Rodriguez als Jacobson&Colón beide uitgebreide research hebben verricht naar het leven van Che. Vooral Jacobson en Colón maken veel gebruik van ‘authentieke’ bronnen, zoals citaten uit Che’s Motorcycle Diaries en uit zijn toespraken. Dit zorgt voor een extra geloofwaardigheidsgehalte. Toch vertellen beide beeldverhalen één versie van het levensverhaal ze laten blijken zich hiervan bewust te zijn. Dit blijkt door zinnen als: ‘Er bestaan meerdere versies van de manier waarop hij ter dood werd gebracht’ (Jacobson&Colón 2009). Vele stukken tekst zijn dan ook níet gebaseerd op ‘authentieke’ bronnen, zoals ook geldt bij vele beelden; een groot deel is gefictionaliseerd. Van Che’s executie bestaan geen originele, eenduidige beelden of verslagleggingen. Toch hebben de makers van de graphic novels zich hiervan een voorstelling gemaakt die zij hebben vertaald naar een aantal beelden met bijbehorende tekst.

Er is in beide graphic novels overwegend sprake van een conventioneel biografisch, chronologisch narratief: beide biografieën behandelen op een van de eerste pagina’s de geboorte van Che, en eindigen ongeveer met zijn dood. Beide beeldverhalen spelen echter een spel met het verloop van de tijd, waar gemakkelijk mee te manipuleren valt. De tijd kan worden vertraagd (door een kortdurende gebeurtenis uit te spreiden over meerdere kaders), wat suggereert dat het hier gaat om een belangrijke gebeurtenis waar extra aandacht aan is besteed, zoals de executie van Che. Ook kan de ervaring van tijd juist worden versneld, door bijvoorbeeld één dag in een enkel beeld vast te leggen.

Ga verder naar: Hermediaties en ‘Immediacy’ versus ‘hypermediacy’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s